The start of something new

Afgelopen weekend was het zover: mijn eerste 1/8 triathlon! Wat was ik zenuwachtig en wat was het gaaf!

Een paar maanden geleden besloot ik me in te schrijven voor deze sprintafstand bij de Triathlon van Wijchen. Een lokaal, redelijk klein georganiseerde wedstrijd, waar veel deelnemers uit de regio aan mee deden. Hoewel het misschien geen Ironman organisatie is, was de sfeer fantastisch en waren de vrijwilligers ontzettend vriendelijk en behulpzaam (later hierover meer). Juist doordat het kleinschaliger was, bleek dit evenement ontzettend geschikt voor beginners zoals ik.

Het was deze dag zonnig, niet te warm en droog. Doordat het in de week hiervoor erg warm was, was de watertemperatuur flink gestegen: 22,7 graden. Boven de 22 graden watertemperatuur is een wetsuit verboden. Stiekem was ik hier best blij om. Hoewel ik met wetsuit iéts sneller zwem, betekent het ook dat je hierin naar de wisselzone moet rennen en deze uit moet trekken. Scheelt weer wat gedoe. Ook wist ik dat mijn tempo niet heel veel sneller was met wetsuit, maar dat het tempo soms bij anderen wel veel kan schelen. Kleine winst voor mij dus.

In de week voor het evenement had ik al een lijstje gemaakt met alles wat ik mee moest nemen, op welke tijdstippen ik waar moest zijn en wat ik qua eten van tevoren wilde klaarleggen. Deze autist was tevreden met de voorbereiding.

Op de dag van het evenement waren alle spullen (jeetje wat een hoop spullen!) dan ook snel ingepakt en was ik samen met mijn vriend ruim op tijd op locatie. En dat was maar goed ook…

Bij de inschrijving kreeg ik mijn startnummer, sticker voor op de fiets en enkelband met chip. Hierna kon ik door naar de ‘check-in’: de wisselzone waar ik mijn fiets en alle spullen voor het fiets- en hardlooponderdeel klaar kon zetten.
Voordat je de wisselzone in mag, moet je je helm opzetten (en vastmaken) en je fiets laten controleren. En toen bleek mijn fiets niet in orde!
Mijn achterrem bleek het niet te doen. Deed helemaal niks meer. En dan mag je niet starten.
De tranen stonden in mijn ogen en ik begon in paniek te raken. Ik had geen idee hoe ik dit kon fixen en ook de vrijwilligers die de fiets controleerden wisten dit niet.
Gelukkig vonden we al snel iemand met wat technische kennis en die had het probleem snel verholpen. Een schroefje zat los, waardoor de remkabel achter niet meer strak vast zat. Snel gefixt en toen mocht ik door.

Snel alle spullen op mijn kleurrijke handdoek gelegd (ter herkenning) en toen was er nog tijd genoeg om naar de deelnemers van de ¼ triathlon te kijken.
Dat was gaaf! Hier kwamen serieuze atleten voorbij met nog serieuzere fietsmonsters (speciale triathlon-fietsen). Gaaf, inspirerend en stiekem ook echt wel intimiderend.

Inmiddels waren er ook een aantal vrienden bij ons gaan staan. Super tof dat deze lieve mensen me kwamen supporten, dat betekent heel veel voor me.

En toen was het tijd om richting de zwemstart te lopen voor de briefing. Hier kregen we een korte uitleg over het parcours en de regels, waarna we konden inzwemmen.
Hier sprak ik een aantal deelnemers voor wie het ook de eerste triathlon was. Allemaal zenuwachtig, maar allemaal ontzettend blij om hier te zijn. Er hing een hele gemoedelijke, fijne sfeer. We wilden er allemaal een mooie dag van maken.

Ik besloot aan de rechterkant te starten, zo ver mogelijk van het strand af, om een beetje uit de chaos van de zwemstart te blijven. De start was te diep om te staan, waardoor veel mensen tot het laatste moment in de buurt van het strand bleven. Dan maar een paar minuutjes watertrappelen.
Tussendoor vroeg ik aan mijn buurman in het water wat zijn zwemtempo was, om te weten of ik een beetje in de juiste rij zou starten en te voorkomen dat je bij de start onder water geduwd wordt.

En toen ging het startschot! Alsnog wat chaos in de ‘wasmachine’, maar gelukkig had ik hier al wat ervaring mee na de zwemwedstrijd op de High Tech Campus vorig jaar. Ik kon me al vrij snel wat vrijer maken en het zwemmen ging best lekker. Tussendoor een paar keer schoolslag, omdat de ademhaling snel was door de adrenaline. Uiteindelijk 5de van de 34 uit mijn age-group (vrouwen 24-39 jaar). Dat was gaaf!

De eerste wissel (T1) van zwemmen naar fietsen ging wat moeizaam. Het was best een stuk rennen vanuit het water naar de wisselzone en aangezien mijn ademhaling nog hoog zat heb ik een stukje gewandeld. Helm op, zonnebril op, startnummer omdoen en op de rug, sokken aan (heeft me extra tijd gekost, maar ik wilde geen blaren), schoenen aan, fiets pakken en naar de fietsstart rennen. Op de fiets ging nog niet zo lekker, ik kan dit nog niet al rennend en daarnaast is het inklikken nog wel een dingetje. Maar goed, het ging vlot genoeg en we konden de weg vervolgen.

Het fietsparcours was tof. Een stuk autoweg was afgezet, waardoor je lekker hard op de rechte stukken kon fietsen. De heenweg was echter wind tegen, dat was best pittig, maar hierdoor ook op de terugweg lekker gas kunnen geven.
Er zaten 3 bochten van 180 graden in en de ronde moest 3x gefietst worden, dus het was een combinatie van gas geven, remmen, bochtjes maken en door.
Samen met zo’n 4 andere fietsers hebben we elkaar afgewisseld. Op de stukken wind tegen werd ik ingehaald, met wind mee haalde ik de rest weer in. Dit was wel even goed opletten, omdat er niet gestayerd mocht worden (je mag niet direct achter een andere fietser rijden, omdat je dan uit de wind veel meer voordeel kunt halen) en ik geen penalty wilde riskeren. Maar iedereen hield zich netjes aan de regels, dus het was een heel fijn onderdeel.

Hierna kwam T2, de tweede wissel. Dit ging best vlot. Ik had dit een paar keer getraind met een ‘Brick-training’, dus ik wist precies wat ik moest doen. Startnummer op mijn buik, schoenen wisselen, helm af en gaan!
Al ging de wissel voor mijn ademhaling en hartslag wellicht iets té snel. Na ongeveer een halve kilometer besloot ik om even te wandelen om op adem te komen. Ik was gesloopt!
Hardlopen is sowieso nog mijn zwakste discipline, maar ik had de impact van de adrenaline van de race toch wat onderschat. Maar goed, dan maar in een lager tempo rennen. Zo hebben we toch nog met een brede lach op het gezicht de finish weten te bereiken, een van mijn doelen van deze dag.

Want ik had me 2 doelen voor deze race gegeven:
1. Lachend de finish bereiken
2. Don’t sh*t myself

Dat tweede doel was deels met een knipoog, maar kwam niet uit de lucht vallen..

Ik heb hierboven al de term ‘Brick-training’ laten vallen (een koppeltraining waarbij je direct achter elkaar 2 of meer trainingen uitvoert, dus bijvoorbeeld eerst fietsen, daarna direct overgaan in hardlopen, zoals je bij een echte triathlon ook doet). Deze training heb ik een aantal keren voor de wedstrijd gedaan, om te voelen hoe je lichaam omgaat met deze overgangen en intensiteit. En dat was maar goed ook!

De eerste 2 keren dat ik zo’n dergelijke training uitvoerde ging ik zo’n 20km fietsen en daarna direct 3km hardlopen. Dit is een heel vreemd gevoel. Je benen voelen heel wiebelig en zwaar, hardlopen voelt ontzettend vreemd. Je zit nog met het tempo van de fiets in je hoofd, dus voor je gevoel ren je super langzaam. In het echt valt dit wel mee en ga je soms zelfs harder dan dat je normaal loopt.
Dit een keer meemaken voor de race kan ik iedereen aanraden. Wennen aan dat vreemde gevoel, maar ook dat dit snel weer overgaat.
Maar een andere, nog veel belangrijkere reden voor mij: ik kreeg tijdens het hardlopen ontzettend last van mijn buik. Als in, tot 2x toe maar net op tijd thuis zijn. Dat wil je écht niet tijdens een wedstrijd, waarbij je omgeven bent door zoveel mensen.

Dus ineens was mijn doel niet meer alleen ‘lol en ervaren’, maar ook zonder buikkramp finishen. Ik weet het, geen smakelijk onderwerp, maar ik wil hier graag schrijven over de ervaringen die ik meemaak bij het kennismaken met de triathlon-wereld. En ik was héél blij geweest als ik dit van tevoren al een keer gehoord had.
Een aantal dingen die ik als tip hiervoor mee kan geven:

  • de dag en avond van tevoren genoeg koolhydraten eten en minderen met eiwitten, vetten, pittig eten en alcohol.
  • rust pakken wanneer je buiten adem raakt. Je lichaam onttrekt bij hele intensieve inspanning bloed o.a. uit je darmen, waardoor je ineens aandrang kunt voelen. Even op adem komen kan helpen.
  • sowieso zijn bovenstaande punten handig om mee te nemen, maar voor mij was dit (nog) niet voldoende, aangezien mijn hartslag o.a. door adrenaline erg hoog wordt. In mijn geval: Imodium voor de race. Wellicht niet de beste optie, maar ik was dankbaar dat dit voor nu werkte.

Stiekem had ik voor mezelf nog een derde doel: in 1,5 uur finishen. Dit werd helaas 1:31:54, maar daar ben ik zeker niet ontevreden mee.
Dit was een fantastische ervaring en ik ben heel dankbaar voor de organisatie, de vrijwilligers en mijn supporters. Ik heb hier veel van geleerd, ga lekker doortrainen en ik kijk ontzettend uit naar de volgende!

Rennende triathleten met een fietshelm op.
AI-gegenereerde afbeelding: ‘Competing triathletes’

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *